Bespaar tot 25% op multipacks

Een (on)gezonde vagina: de rol van hormonen

april 4, 2024 . dija

Welkom in de wondere wereld van de vagina, waar een opzichzelfstaand milieu van bacteriën, gisten en schimmels jou beschermt. De meeste mensen weten maar weinig over vaginale gezondheid, terwijl een tekort aan bepaalde bacteriën in de vagina de kans vergroot op een blaasontsteking, schimmelinfectie en bacteriële vaginose, een vroeggeboorte, onvruchtbaarheid en soa’s. Momenteel onderzoeken wetenschappers wereldwijd wat een gezonde vagina is en hoe ze gezond blijft. Op deze plek leren we je in zes maanden alles wat je hier al over kunt weten. 

Vandaag in deel twee: wat hebben je hormonen met je vaginale gezondheid te maken? (Lees eerst deel 1 voordat je verder leest!)

De enige vraag die ik – en jij misschien ook – heb sinds ik leerde over het vaginale microbioom, is: hoe kom ik iets te weten over míj́n vaginale microbioom? Heb ik genoeg melkzuurbacteriën? Is mijn vagina gezond?  

Het antwoord op die laatste vraag is niet zo makkelijk te beantwoorden. Een vagina met een laag zuurtegraad, veel diverse bacteriën maar weinig lactobacillen wordt geassocieerd met minder weerstand, maar hoeft geen klachten te veroorzaken. Dus ja, noem je zo’n vagina dan gezond of ongezond?  

Er zijn al bedrijven, zoals Evvy, die testen aanbieden waarmee je gewoon thuis een vaginaal uitstrijkje kunt afnemen, die opstuurt en waarmee vervolgens je microbioom wordt vastgesteld – alleen verkrijgbaar in Amerika. Maar aan die uitslag heb je natuurlijk alleen wat als er ook een specifieke behandelmethode is (voor een microbioom uit balans). Voor een aandoening zoals bacteriële vaginose zijn er natuurlijk antibiotica verkrijgbaar via de huisarts. Maar de wetenschap is er nog niet uit hoe bepaalde microbioom-profielen te veranderen zijn (en of dat zin heeft).  

Toch kun je zonder (thuis)test ook al meer te weten komen over je microbioom. Omdat je hormonen een grote invloed spelen.  

Een dynamische meid

Nog even een korte opfriscursus: elke vagina heeft een uniek microbioom. Die bijzondere samenstelling van bacteriën, schimmels en gist heeft invloed op je gezondheid: een tekort aan lactobacillus maakt je vatbaarder voor bijvoorbeeld soa’s, infecties en ontstekingen en wordt ook gelinkt aan vruchtbaarheids- en overgangsklachten.  

Ieders vaginale microbioom is uniek, maar kan wel veranderen. Bij een persoon van vijf, vijftien of 65 jaar ziet de samenstelling van bacteriën er heel anders uit. En zelfs binnen één maand kan de samenstelling veranderen.  Die dynamiek wordt grotendeels bepaald door hormonen. Periodes van grote hormoonwisselingen – puberteit, zwangerschap en de overgang – hebben dus een sterke invloed op het vaginale microbioom en op de aanwezigheid van melkzuurbacteriën zoals het crispatus-bacterie. Vooral het geslachtshormoon oestrogeen lijkt veel invloed te hebben.  

Omdat ik met mijn 33 jaar in mijn vruchtbare levensfase zit, heb ik waarschijnlijk meer melkzuurbacteriën dan bijvoorbeeld mijn moeder van 63 en mijn dochter van 2 jaar. Mijn moeder heeft haar laatste menstruatie al gehad en dus produceren haar eierstokken niet meer zoveel oestrogeen. Bij mijn dochter zijn die eierstokken nog niet begonnen met de oestrogeenproductie. Zonder rekening te houden met individuele bijzonderheden, kunnen we ervan uitgaan dat ik de meeste lactobacillen heb. 

Tussen puberteit en overgang

Naast je leeftijd, kan ook je menstruatiecyclus iets voorspellen over de samenstelling van je vaginale microbioom. De menstruatiecyclus heeft namelijk ook invloed op je oestrogeengehalte. In het eerste gedeelte van je cyclus – vanaf het bloeden tot aan je eisprong – is oestrogeen het meest aanwezig (want dit hormoon zorgt dat je eitje groeit). In het tweede gedeelte van je cyclus – vanaf de eisprong tot aan het bloeden – is progesteron het dominante hormoon.  

Uit een Canadees onderzoek onder gezonde vrouwen bleek dat het microbioom bij de meesten relatief stabiel bleef tijdens de menstruatiecyclis. Alleen bij degenen die vatbaarder zijn voor een disbalans, groeide het aantal verstorende bacteriën tijdens hun menstruatie waardoor ze op dat moment vatbaarder zijn voor infecties. Deze personen kunnen daarom last hebben van een bacteriële vaginose meteen ná hun menstruatie.  

Uit het Belgische en grootschalige onderzoeksproject Isala bleek ook dat het vaginale microbioom diverser was bij mensen die hun menstruatie net hadden gehad; bij hen bestond het microbioom uit meer verschillende bacteriën. Er waren ook meerdere soorten melkzuurbacteriën aanwezig. Ze vermoeden dat dit komt omdat sommige bacteriën – zoals de Lactobacillus jensenii en Gardnerella – van ijzer houden, dat natuurlijk in (menstruatie)bloed zit. De bacteriën groeien extra hard als je ongesteld bent en zijn in de week na je bloeding relatief vaker aanwezig. Ook de bacterie Lactobacillus iners lijkt in die periode meer aanwezig te zijn. Verderop in de menstruatiecyclus lijkt het vaginale microbioom juist minder divers, maar lijkt de crispatus-bacterie juist wél in grotere aantallen aanwezig te zijn. Wat ervoor zorgt dat je weer minder vatbaar bent. 

Op basis van deze informatie zou ik dus nog meer kunnen gokken over de huidige samenstelling van het vaginale microbioom: ik zit in de derde week van mijn menstruatiecyclus, dus heb ik waarschijnlijk een wat minder divers palet aan bacteriën maar wel veel crispatus.  

De overgang

Als het oestrogeengehalte lager wordt, gaat de zuurtegraad omhoog – waardoor andere bacteriën meer kans krijgen om te groeien. Vagina’s in de overgang hebben over het algemeen minder melkzuurbacteriën en worden vaker gedomineerd door andere bacteriën zoals Prevotella en Anaerococcus. Dan ben je niet meteen ongezond, maar ben je wel vatbaarder. En daar kun je je gedrag op aanpassen (meer in het volgende blog!), 

Nogal ironisch: de overgang gaat gepaard met een daling in oestrogeen, wat zorgt voor minder melkzuurbacteriën in je vagina en een laag aantal melkzuurbacteriën is weer gelinkt aan meer overgangsklachten. Toch is het een kip-of-ei-vraagstuk: is een geringe aanwezigheid van melkzuurbacteriën een kenmerk van overgangsklachten óf de oorzaak? Dit weten ze nog niet. Wat ze wel zagen is dat bij vrouwen die tijdens de overgang extra oestrogenen kregen toegediend, het aandeel crispatus-bacteriën groeide – en het aantal klachten verminderde.  

Zwangerschap

Bij zwangeren worden er juist weer veel crispatus-bacteriën gevonden in het vaginale microbioom, waarschijnlijk omdat een vrouw in die negen maanden veel oestrogeen aanmaakt. Haar microbioom is wel minder divers, maar dat zorgt dus juist dat je meer weerstand hebt.   

Maar, wat ze bij Isala in België ontdekten, is dat er bij mensen die zwanger zijn geweest en dit geldt ook voor mensen die een stilgeboorte of abortus hebben gehad – de crispatusbacterie in mindere mate aanwezig is dan bij vrouwen die geen kinderen hebben gehad, of ooit zwanger zijn geweest. Bij vrouwen met kinderen werden hogere concentraties BifidobacteriumenStreptococcus gevonden. Maar wat dat precies betekent weten ze nog niet. Onbevredigend hè? 

In ieder geval is het fijn voor baby’s die via een vaginale bevalling ter wereld komen, om die vaginale bacteriën mee te krijgen. Die vormen de eerste periode het microbioom op hun huid, mond, darmen en bovenste luchtwegen. Bij baby’s die via een keizersnede ter wereld komen, zie je dit nog jaren later terug in het microbioom van de darmen.  

Volgende maand

33 jaar geleden had ik mijn moeders vaginale microbioom op mijn wangen, inmiddels heb ik zelf minder crispatus door mijn zwangerschap. Het zijn allemaal wonderlijke feitjes waar ik geen invloed op heb gehad.  

Volgende maand duik ik in de meer dagelijkse praktijk: wat voor invloed heeft mijn levensstijl op mijn vaginale microbioom? Heb ik überhaupt wel invloed op de gezondheid van mijn vagina? 

10% korting op je volgende bestelling?

Krijg 10% korting op je volgende bestelling wanneer je je aanmeldt voor onze nieuwsbrief.
Sounds peachy right?

Vul hieronder je mail adres in en ontvang direct een kortingscode in je mailbox.

Voorwaarden zijn van toepassing.